Gescheiden

N.a.v. een stukje in de wijkkrant wat ik had laten zetten over mijn werk, word ik gebeld door iemand die een afspraak met me wil maken.
Toevallig (?!) is het een vrouw waar ik een dag eerder met een collega maatschappelijk werker voor de deur heb gestaan om contact te zoeken (en ze was niet thuis). Hij had eerder met haar een gesprek gehad wat niet zo goed liep, maar maakte zich toch wat zorgen om haar en haar situatie. Hij wilde mij kennis met haar laten maken en hoopte dat ze mijn bemoeienis wel zou accepteren.
Toeval bestaat niet zullen we maar denken. En hulp had ze dus blijkbaar echt nodig!
Het is alleen maar beter als mensen zich zelf aanmelden.
Ik dus een afspraak met haar gemaakt en langsgegaan.
Als ze open doet zie ik een vrouw die er wat mager, gespannen en lichtelijk verwaarloosd uitziet.
Laat ik haar Jannie noemen.
Ze maakt een kop koffie voor me en drinkt zelf iets wat lijkt op limonade, maar waarvan ik vermoed dat er iets alcoholisch inzit.
Ze vertelt haar verhaal, na we wat kennis hebben gemaakt.

Anderhalf jaar geleden heeft haar man haar op straat gezet. "Letterlijk", vertelt ze.
Op mijn vraag of ze daar niet tegen protesteerde vertelt ze dat hij een boom van een kerel is en beroepsmilitair. Niets tegen te beginnen dus. Het zal me niets verbazen als later blijkt dat hij haar mishandelde. De reden dat hij haar eruit zette wordt mij (nu) niet duidelijk. Komt later wel.
Ze is vervolgens her en der wezen logeren, woonde af en toe in een vakantiehuisje, en zit nu in haar oude woonplaats in de flat van haar vader.
Een half jaar geleden vroeg ze haar vader of ze bij hem terecht kon. Dat kon, maar vader overleed plotseling. Nu zit ze nog in die flat, helemaal in 70-jarenstijl, maar ze zal eerdaags eruit moeten. De flat kan ze niet betalen en hij zal verkocht moeten worden. De opbrengst wordt verdeeld tussen haar en haar twee zussen.
De scheiding van haar man is in augustus uitgesproken. Hij moet alimentatie betalen maar doet dat niet volledig. Hij zegt tegen haar dat hij bepaalde kosten inhoudt. Kosten als ziektekosten en telefonie. het laatste woord is hier nog niet over gezegd, want dat mag hij niet zomaar doen.
Hun gezamlijk huis moet ook verkocht worden. Daar heeft ze uiteraard ook rechten op zitten.
En hoe nu verder?
Er is niet genoeg geld om maandelijks van te leven, dus heeft ze een beroep op de bijstand moeten doen. Dat moet ze terug betalen als ze het geld binnen heeft.
Ze moet op zoek naar andere woonruimte, maar heeft nog geen woonrechten opgebouwd in deze stad. Ze overziet haar administratie niet. Ik krijg het vermoeden dat haar man de touwtjes altijd in handen hield. Ze heeft geen idee hoe ze dat moet doen.
Dan is er nog sprake van een 16-jarige dochter, die ze al sinds kerst niet meer heeft gezien. Haar ex zou nu samen wonen in een andere plaats, hij is met dochter ingetrokken bij een vrouw met kinderen. Ze weet niet waar en heeft geen contact.
Ze zal haar hele leven moeten herzien en opnieuw moeten oppakken.
Met werken is ze zo'n 20 jaar geleden gestopt, op advies van haar man.
Ze heeft zich om het huishouden en later de opvoeding bekommerd.

Wat kan ik voor haar doen?
Ik maak maar een begin door haar te gaan helpen met de administratie.
Ik kan samen met haar gaan kijken naar mogelijkheden om woonruimte te vinden. Dat wordt lastig. En een vrouw van 44 wil niet graag beginnen op een klein kamertje drie hoog achter!
Verder kan ik naar haar luisteren. Met haar meedenken en op zoek naar passende oplossingen. Er voor haar zijn, zoals voor veel mensen zo belangrijk is!

Mir is moe

Soms ben ik gewoon moe, net als vandaag: een dag vol met ingewikkelde situaties en veel multiproblem gevallen.
Die vergen veel van me. En niet in de laatste plaats is er de vraag: waar moet mee begonnen worden?! Er speelt zoveel en is zoveel aan de hand.
Dan pak ik mezelf beet en begin ik maar met het helpen invullen van een formuliertje, of het schrijven van een brief.
Stap voor stap. Het heeft jaren geduurd voor de problemen zo groot waren. Dan hoeft het ook niet in 1 dag opgelost te worden!
gelukkig zijn er ook kleine dingen. Voor mij klein, voor de ander soms zo groot.
Er gewoon zijn: luisteren naar een verhaal, het verdriet, de ellende. Dat lucht bij die ander soms al zoveel op!
Ik hoef niet de illusie te hebben dat ik altijd maar moet helpen.
Nu ben ik moe......

Meneer A.

Meneer A is een ongeveer 40 jarige turkse man, die alleen zijn twee kinderen (15 en 9) opvoedt. Omdat hij zijn huur al 1 1/2 jaar bijna nooit heeft betaald staat de woningbouwvereniging op het punt de deurwaarder in te zetten waardoor uiteindelijk uithuiszetting zou kunnen volgen.
Mij is gevraagd (door de toch behoorlijk sociale medewerkers van de woningbouwvereniging) om eens bij hem langs te gaan en te kijken of ik hem kan bijstaan en de boel vlot kan helpen trekken.
Ik tref een vriendelijke, doch zeer simpele man. Zijn huis is netjes. Zijn post ligt in keurige stapeltjes op een kast. Er zijn echter nogal wat betalingsachterstanden.
Hij is blij met mijn komst en hoopt dat ik hem inderdaad kan helpen.
Hij blijkt al te zijn aangemeld bij de Stadsbank voor schuldhulpverlening en moet nog een paar weken wachten op verder vervolg. Hij wil echter niet in budgetbeheer, wat een voorwaarde is om iemand te helpen.
Hij blijkt een auto te hebben, die hij eigenlijk niet kan betalen. Hij leeft op bijstandsniveau.
Ik bespreek de auto met hem. Hoewel hij zegt deze niet te gebruiken wil hij geen afstand doen. Daarnaast mag hij niet rijden want zijn rijbewijs is in beslag genomen.
(toch gebeurde het een keer dat hij me mobiel belde en terwijl hij belde werd hij aangehouden door politie omdat hij belde tijdens het rijden!).
Ik leg hem uit dat hij echt zijn huur moet betalen, dat anders de gevolgen niet best zijn. Maar het Nuon klopt ook aan en het PWN dreigt met afsluiting.
Wat eerst?
Hij heeft de neiging het betalen van zijn huur maar steeds weer uit te stellen.
Ik ontmoet hem een aantal keer. Ik probeer met hem overzicht in zijn financiële situatie te krijgen.
Hij wil wel, maar toch ook weer niet.
Hij wil vooral zijn eigen zin doen, en stelt verkeerde prioriteiten.
De kinderbijslag gaat naar (te) dure spullen voor de kinderen. Daar is het toch voor? Zegt hij...
Ik leg hem uit dat het voor de kinderen ook van belang is dat ze daar kunnen blijven wonen, en dat daar misschien wel wat meer geld naar toe moet gaan.
Ik confronteer hem, maar het lijkt niet door te dringen.
Ik verteld hem dat hij toch echt aan budgetbeheer moet denken. Dat wil hij niet want dan hou je maar zo weinig per week over!...
Hij snapt het echt niet.
In feite houdt hij nu minder over. Als er via budgetbeheer afspraken zijn gemaakt, kunnen schulden worden afgelost, beetje bij beetje.
En ja: dan heb je weinig per week. Maar wel een basis die er continu zal zijn.
De laatste keer dat ik hem confronteerde werd hij een beetje boos op me.
Een nieuwe afspraak maken wil hij even niet.....

Soms moet ik ook maar loslaten, en mensen keuzes laten maken die ze zelf willen nemen. Ook al weet ik dat het niet goed zal aflopen!

Veelpleger

Mijn hulp wordt ingeroepen door een collega van het buurtbeheer. Een jongen die daar zijn taakstraf doet heeft wat problemen. Of ik eens met hem wil praten?!
Ik maak een afspraak en kom bij hen op kantoor. Een simpele, op het eerste gezicht oprechte jongeman. Hij vertelt zijn verhaal.
Hij is opgegroeid op een kamp. Daarbij komt dat zijn hele omgeving zeer bekend is in het criminele circuit. Hij inmiddels ook. Hij is 25, heeft al enige jaren detentie achter de rug en moet nu nog een taakstraf. Niet mis dus.
Zijn verhalen gaan over mensen ombrengen, witwaspraktijken en andere criminele handelingen. Hij vertelt het als ware het heel normaal. Voor hem is dat ook zo: hij kent geen andere wereld.
Ik merk dat ik me geen raad weet. Ik blijf wel gewoon met hem in gesprek en probeer te ontrafelen waar hij mee zit. In het kort komt het er op neer dat hij wel los wil van dit wereldje, maar dat dat niet kan. Hij zou er op aan gekeken worden of in het ergste geval: op afgerekend worden.
Waar hij het meest mee zit is de dood van zijn moeder. Acht jaar geleden heeft hij haar gevonden: opgehangen, zelfmoord. Het laat hem niet los en hij heeft het nooit verwerkt. Ook heeft hij last van zijn eigen agressie en hij wil iets van een training doen om er minder last van te hebben.
Ik ben geen expert in rouwverwerking en spreek met hem af dat ik op zoek zal gaan naar iemand die hem kan begeleiden om dit een plek te geven.
Als ik thuis kom merk ik dat het me echt heeft geraakt. Ik ben niet bang maar voel me machteloos en ik wil niet te veel betrokken raken in die wereld. Ik moet het echt even laten zakken.
De volgende dag bel ik eerst met zijn (taakstraf-) begeleider van reclassering. Deze geeft aan dat hij deze jongen heeft verwezen naar maatschappelijk werk. Hij heeft zelf geen extra tijd gekregen uitgebreid aan de slag te gaan met hem. Hij kan hem alleen maar adviseren en moet de taakstraf bewaken. Daarna houdt het contact weer op en is iemand weer helemaal op zichzelf aangewezen.
Ik bedenk me dat de maatschappij op deze manier niet meewerkt aan vermindering van het aantal veelplegers. Uiteraard zal hij weer overgaan tot criminele handelingen; hij weet niet hoe anders met het leven om te gaan.
Ik neem vervolgens contact op met collega's van het maatschappelijk werk en vraag of er iemand in het team is die niet snel van slag is en die deze jongeman kan begeleiden met zijn rouwverwerking. Een van de mannelijke collega's kan en wil dit wel op zich nemen.
Ik heb niet veel gedaan, maar heb nu een klein beetje het gevoel in ieder geval iets in werking te hebben gezet.
Stiekem ben ik opgelucht dat ik het weer achter me kan laten!

Water!!!!

Op het moment dat ik binnen stap zie en ruik ik het al: de emmers sop die in de gang staan om schoon te maken!
Het water is weer aangesloten en Kees is als een kind zo blij.
Ik ben blij met hem. Eindelijk, na negen maanden zonder, kan hij weer de normale gang van zaken en zijn huishouden weer oppakken.
Deze week kan niet meer stuk, zegt hij.
Eerst een fiets, daarna budgetbeheer gestart, nu het water, en als toetje kwam ik ook nog eens vandaag met een computer aanzetten. Die werden aangeboden op mijn werk tbv cliënten die niets te makken hebben. Afdankertjes van een organisatie die ze weg gaf.
Met een blij gevoel sluit ik een intensieve week af en kan mijn weekend beginnen!

Blij met een fiets...

Vandaag was zo'n dag dat wederom succesjes werden behaald.
Ik begon mijn dag bij Kees.
Het budgetbeheer zou zijn opgestart en niet alles liep nog vlekkeloos. Ik dus vroeg naar hem toe, want hij zat al dagen zonder geld of uitzicht op een paar centen.
Vorige week had ik hem beloofd ook achter een fiets aan te zullen gaan.
Alles lopend moeten doen, met een slechte conditie, is soms gewoon te veel gevraagd.
Wetend dat Kees geen water had, kwam ik gewapend met termoskan koffie bij hem aan. We namen een lekker bakkie en ik bekeek de rekeningen en post. Vervolgens een paar telefoontjes en een afspraak gemaakt voor dezelfde dag om het budgetbeheer helemaal te laten starten. Daarvoor moet men, als de eerste uitkering bij de Stadsbank binnen is, eerst nog langs komen voor een handtekening en het doornemen van de voorwaarden.
Tja, al die regels: ik verzin ze niet!
(hieraan voorafgaand zijn er al enkele handtekeningen, formulieren etc de deur uit gegaan)
Omdat er nog tijd was togen we eerst naar een instantie waar tweedehands fietsen, in samenwerking met de politie, worden opgeknapt en verkocht. Ik had wat geld uit een fondsenpotje gehaald en we kochten een leuke opoefiets voor 60 euro.
Dat was voor Kees al een goed begin van de dag. Hij fietste vrolijk weg.
Een paar uur later zagen we elkaar weer bij de Stadsbank.
Inmiddels had ik al weer enkele telefoontjes gepleegd om weer eens over het afgesloten water te zeuren en te zorgen dat er actie ondernomen werd.
In het gesprek bij de Stadsbank werd verteld dat het budgetbeheer vanaf nu ging lopen. Elke week kan er dan op vrijdag een bedrag van 50 euro aan de kassa opgehaald worden. Alle lopende rekeningen worden betaald door de Stadsbank en alle overige rekeningen dient de cliënt in te leveren zodat daar voor gezorgd kan worden.
Tijdens dit gesprek, wat goed liep, kwam een van de medewerkers (die ik aan het werk had gezet) binnen met de mededeling dat het water betaald was en er binnen een dag of twee iemand langs zou komen om weer aan te sluiten!
(dit alles kon ze snel gaan omdat ik had geregeld dat Kees met voorrang langdurigheidstoeslag voor vier jaar kreeg uitgekeerd. Dit is een toeslag waar elke uitkeringsgerechtigde recht op heeft als hij langer dan 5 jaar van een minimum moet leven. Zoals vele anderen wist Kees niets van deze regeling. Ik kreeg het voor elkaar dat hij boven op de stapel terecht kwam.)
Wauw, opeens gaat alles dan zo snel, en lijkt het zo makkelijk.
Kees en ik verlieten zeer goed geluimd het pand.
Ik kijk uit naar het eerste verse bakje koffie bij Kees thuis....