Mies

Omdat mijn (enige) collega ziek is moet ik een paar cliënten van haar overnemen en soms een paar hand- en spandiensten verlenen aan een enkeling.
Ik word gebeld door Mies. Ik heb haar wel eerder aan de lijn gehad: het gaat altijd van "je bent een lieverd, je bent een schat". Een hartelijke, volkse vrouw die werkt in een viskraam.
Ze zit met een brief van de belasting en weet niet wat ze er mee moet.
Ik ga maar even bij haar langs.
Ze kan me niets aanbieden zegt ze, want ze moet nog boodschappen doen.
Al gaandeweg in het gesprek merk ik dat ze eigenlijk maar heel weinig geld heeft, en misschien niet eens genoeg om een pak koffie te kopen.
Ik regel de belastingzaken (briefje schrijven voor een betalingsregeling).
Daarna neem ik wat gegevens van haar op, want ik vermoed dat ik wel een (wekelijks) voedselpakket voor haar kan regelen.
Ze blijkt inderdaad erg weinig over te houden. Ik kom op zo'n 130 euro per maand. Daar moet ze dan alles van doen.
Ik maak de aanvraag voor het voedselpakket rond en spreek haar antwoordapparaat in dat ze een reactie kan verwachten.
Ik spreek haar niet meer direkt.
Wel staat ze dezelfde dag op mijn voicemail. Hevig geëmotioneerd, tranen in haar stem.
Bedankt lieverd, voor wat je allemaal voor me hebt gedaan.
Jullie zijn allemaal lieverds!

Ik ben tevreden. Kerst mag van mij komen!

Ik zoek geen hulpverlener.....

Dit stuk is geschreven door iemand die ervaringsdeskundige is in de psychiatrie. Het treft me elke keer weer als ik het lees.

Ik zoek geen hulpverlener, ik zoek een bondgenoot

Als je open en eerlijk bent

kan ik je leren vertrouwen
Als je me respecteer als expert in mijn eigen lijf en leven
kun je rekenen op mijn actieve medewerking
Als je naar me luistert
luister ik ook naar jou
Als je mij ruimte geeft
maak ik mijn eigen keuzes
Als je niet over mijn grenzen heengaat
leer ik ze ook respecteren
Als ik de controle kwijt ben
help jij zoeken
Als je me vertrouwen geeft
bouw ik zelfvertrouwen
Als jij niet moeilijk doet over missers
doe ik het ook niet
Als jij je grenzen duidelijk aangeeft
kan ik er rekening mee houden
Als ik je nodig heb
weet ik je te vinden
Als ik de hele wereld wel kan schieten
maak ik voor jou een uitzondering
(uit Tijdschrift 'Deviant')

De rechtbank

Vandaag was het zover: De aanvraag wsnp van Kees kwam voor de rechter. Dit is het moment waarop bepaald wordt of iemand tot de wsnp wordt toegelaten. Bij toekenning volgen drie (tot vijf) magere jaren, en daarna is de betrokkene schuldenvrij.
Ik ontmoet Kees voor de rechtbank. Hij zag er moe uit en op mijn vraag antwoordde hij dat hij al twee nachten slecht had geslapen.
Ben je zenuwachtig?, vraag ik.
Nee, is zijn antwoord, ik lig alleen maar te malen.
Waarover dan?, vraag ik hem.
Of ik wel wordt toegelaten, is het antwoord.
Afijn, hij is dus niet nerveus, maar ligt alleen maar de hele nacht na te denken!
We nemen plaats in de wachtkamer.

Van te voren heb ik alles met hem doorgenomen. Dat er gevraagd zal worden naar zijn wiet-gebruik. En dat hij niet moet zeggen dat hij regelmatig blowt. En over de toekomst: dat hij wel dient aan te geven dat hij welwillend is te gaan werken. Dat wil een rechter namelijk horen. En dat ik ook wat zal zeggen als dat nodig lijkt te zijn.

Kees is echt niet nerveus (?!), maar praat de hele tijd achter elkaar door.
Ik laat hem maar even gaan.
Na een half uur mag hij naar binnen. Ik ga met hem mee.
De rechter is een vriendelijke vrouw, haar assistente ook een vrouw. Beiden kijken gelukkig niet streng.
Er wordt naar het blowen gevraagd en Kees geeft correct antwoord. De rechter lijkt tevreden. Na nog een paar standaard vragen geeft ze aan geen reden te zien het niet toe te kennen.
Na vijf minuten staan we weer buiten.
Kees is zo opgelucht dat de tranen in zijn ogen staan!
Hij was echt niet nerveus hoor......

Ik geef hem een dikke zoen en neem hem mee voor een bak koffie.
Wat is hij blij, en zo (te) dankbaar naar mij toe.
En ik ben trots op hem, dat hij het voor elkaar heeft en het tot zover zo goed heeft gedaan. Dit was de eerste fase.
Ik denk dat hij nog niet goed beseft dat er nog drie zware jaren zullen volgen!

activeren....?!

Eigenlijk heeft mijn werk (als sociaal activeerder) tot doel om mensen te activeren naar dagbesteding, werk, studie of andere bezigheden. Weer deelnemen aan de maatschappij en meedoen, een plek in die maatschappij hebben.
Maar bij vrijwel alle mensen waar ik kom en die ik spreek, is zoveel aan de hand, dat van activeren nog lang geen sprake is.
Wat zijn er toch veel mensen met enorme problemen!
En zolang die problemen blijven bestaan en in hun nek hijgen, kan ik in dat opzicht niets. Men is simpelweg nog (lang) niet in staat aan maatschappelijke participatie te werken.
En dan zet ik maar de pet van maatschappelijk werkster op en ga ik aan de slag met al die andere zaken.
Pas als het een en ander is opgeruimd komt er (letterlijk) weer ruimte en kunnen we denken aan vervolgstappen.
Maar voor het zover is zijn we misschien wel maanden bezig, soms ook wel langer.
Als ik aan mezelf denk (en ik denk dat voor velen van jullie hetzelfde geldt)kan ik me daar ook wel iets bij voorstellen. Een aantal jaren geleden kreeg ik mijn burnout. Een nare periode waarin ik letterlijk niet meer verder kon. En dan heb je echt geen puf om je met leuke of verantwoorde zaken bezig te houden. overleven is het motto, en jezelf door die tijd heenslaan.
daarna kwam weer ruimte en kon ik verder met wat ik allemaal geleerd had.
Ik hoop dat dat voor veel van mijn cliënten ook zo zal zijn.
Misschien een illusie, maar ik blijf vol goede moed en vertrouwen op een lichtpuntje achter de horizon!

Drank

32 is hij, en al zo’n 14 jaar een stevige drinker. Bij tijd en wijle is zijn drankgebruik zelfs excessief te noemen. 20 bier is dan niet bijzonder.
Ik ben bij Peter terechtgekomen door Jannie, een vrouw waar ik eerder over verteld heb. Zij trekt met Peter op, zo nu en dan. Niet dat ze goed bij elkaar matchen, maar ze zijn een soort “partners in crime”. Ze delen hun ellende en vaak (veel) drank.
Jannie maakt zich zorgen om Peter en vroeg of ik ook eens bij hem langs kon gaan.
En dat deed ik. Ik trof een wat angstige, zenuwachtige man. Een man die ik misschien normaal zou mijden. Het is dat ik daar doorheen kan kijken, maar hij oogt heftig, met al zijn tatoeages, korte stekelhaar en misschien wel enigszins agressieve voorkomen.
Ik ontmoette hem in het huis van zijn moeder, waar hij verblijft. Een eigen woning heeft hij niet meer, sinds hij eruit is gezet omdat hij bleek onder te verhuren. Dit had uiteraard ook gevolgen voor zijn uitkering. Hij moet erg veel geld terug betalen aan de sociale dienst. Dit wordt maandelijks op zijn uitkering ingehouden, tot het totaal is afbetaald.
Peter is depressief, heeft diverse fobieën en is bang voor van alles. Alleen als hij drinkt kan hij zich daarvoor afsluiten en overheen zetten, dus drinkt hij veel.
Dat vele drinken gaat zich nu zo langzaamaan tegen hem keren. Hij krijgt veel lichamelijke klachten, en wordt uiteindelijk alleen maar banger. De bekende vicieuze cirkel…
Daarnaast heeft hij schulden. Veel schulden.
Na 9 jaar in budgetbeheer te hebben gezeten bij de stadsbank is de wsnp nog steeds niet opgestart. Alle schulden die er al lagen worden alleen maar erger en groter. Het gaat inmiddels om iets van 70.000 euro.
Door alles wat niet lukte en van de grond kwam heeft het de moed opgegeven en ligt hij op bed, kijkt hij tv, of drinkt hij en gaat hij rare dingen doen.

Waar moet ik beginnen?; vroeg ik me af na mijn eerste bezoek.
Maar ook: “wat kan ik voor hem doen”?
Zoals bij veel mensen begint het met opbouwen van vertrouwen en het aanpakken van iets kleins wat makkelijk te regelen is. Doordat iets kleins lukt, krijgt de cliënt weer een beetje vertrouwen en durft wellicht een volgende stap aan.
Ik regelde met zijn casemanager van sociale zaken dat zijn uitkering verdeeld werd in weekgeld ipv maandelijks een bedrag. Dat bedrag ging namelijk meestal in een keer op, waardoor de rest van de maand weer niets over was.
Ook kreeg ik het voor elkaar dat zijn ziektekosten premie standaard op zijn uitkering wordt ingehouden en betaald. Dit om te voorkomen dat achterstanden nog erger worden.
Een klein begin, wat bij lange na niet de lading dekt van alles wat er zou moeten veranderen, maar een begin waar hij zich aan vast kan houden.

Wat hij zelf wil, daar kom ik stapsgewijs achter. Hij wil van de drank af; hij wil beter met zijn angsten om kunnen gaan; hij wil weer een eigen woning (zit er aan te komen) en hij wil werken. Nu heeft Peter niets om handen, waardoor hij steeds maar weer in het apathisch nietsdoen blijft hangen en ook steeds maar weer gaat drinken.
Omdat ik weet dat zijn problematiek te complex voor mij alleen is, schakel ik om te beginnen een eerste lijnconsulent van de verslavingszorg in. Zij komt een keer thuis langs als ik er ook ben.
In dat gesprek wordt duidelijk dat zijn medische, lichamelijke situatie eigenlijk dermate zorgwekkend is dat als hij niets doet, hij zich letterlijk dood zal zuipen. Haar advies is dan ook om te beginnen: Detox.
Detox is een klinische opname van twee weken om te stoppen met drinken.
Peter krijgt een week om daar eens goed over na te denken. Want het zal een klus worden en aangezien hij ook erg bang is voor opname en opgesloten zitten, is maar de vraag of hij het aan durft.
De consulente en ik spreken af in ieder geval samen te gaan werken in deze situatie. Een begin is gemaakt.
Een begin aan een lange weg, die niet makkelijk zal worden en waarvan ik mijn twijfel heb of het zal gaan lukken.
Toch is Peter iemand, net als zoveel anderen, die het in mijn ogen verdient om geholpen te worden en kansen mag krijgen. Hij is gewoon een mens, net als ik, die uiteindelijk een gewoon leven wil leiden.