Meneer Asperger noem ik hem. De reden hiervan wordt verder in dit verhaal wel duidelijk.
Begin dit jaar kwam ik bij hem terecht op verzoek van een collega maatschappelijk werker, die hem begeleidde. Meneer Asperger weet nog precies de datum wanneer ik voor het eerst bij hem kwam. Ik zou zelf mijn agenda er op moeten nazoeken..
De vraag was om met hem eens te gaan kijken naar dagbesteding, vrijwilligerswerk of misschien wel werk.
Meneer Asperger is 61. Hij heeft zijn hele leven bij zijn ouders gewoond. Zijn zus woont in een beschermd wonen-huis en heeft een verstandelijke beperking.
De ouders zijn een paar jaar geleden overleden, en hebben hem het huis nagelaten. Alles ziet er uit alsof het al 50 jaar zo is, en dat is misschien ook wel zo.
Voor zijn ouders overleden heeft hij jaren voor ze gezorgd, en kreeg betaald via een PGB. Daarvoor heeft hij 30 jaar dezelfde baan gehad: een administratieve functie bij een groot warenhuis.
Hij heeft geen vrienden, ook nooit gehad, en lijkt daar ook geen behoefte aan te hebben.
Toen meneer Asperger bij maatschappelijk werk kwam, was zijn geld op. Hij wist niet wat te doen. De maatschappelijk werker heeft hem op weg geholpen om een uitkering aan te vragen, en nu heeft hij (leen-) bijstand. Omdat hij een eigen huis bewoont, moet hij de nu verstrekte bijstand later (van zijn AOW en pensioen) terugbetalen. Misschien is een sociale werkvoorziening een optie voor hem. Dan zou hij op een rustig tempo toch nog een paar jaar zijn eigen geld kunnen verdienen.
Eerst ligt mijn aandacht bij het opzetten van een beetje netwerk en/of starten met vrijwilligerswerk. Meneer is toch wat wereldvreemd, en daarom lijkt het mij slim als hij niet te hard van stapel gaat lopen. Daar is hij het wel mee eens.
In onze gesprekken blijkt ook dat hij met een aantal grote levensvragen loopt en antwoord zoekt of verduidelijking over wie hij is. Hij vraagt zich af waarom en of hij anders is, denkt en voelt als andere mensen. Waarom heeft hij nooit een relatie/vriendin gehad? Waarom is dat niet gelukt en kan dat ooit nog wel lukken?
Zijn gedachten lijken in vicieuze cirkels rond te draaien. Hij kauwt alles wat besproken wordt nog dagenlang uit. Sinds hij gesprekken met de andere maatschappelijk werker en met mij heeft, is hij helemaal los gekomen! Er komt een enorme brei van woorden los. Het houdt niet op, alsof hij nu eindelijk zijn hele leven kan laten passeren.
Voor het psychische deel wordt hij doorverwezen naar een psychiatrische instelling, voor gesprekken.
Tot zijn grote verbazing staat hij na de intake weer buiten met de mededeling: u heeft Asperger (een autistisch spectrum stoornis), daar is geen behandeling voor. Gaat u maar boeken lezen over dit onderwerp en hier is het telefoonnummer van een vereniging waar u soortgenoten kunt ontmoeten.
Voila! Lekker kort door de bocht!
Zijn leven staat op zijn kop, wat nu: Asperger?! Wat is dat? Hoe zit dat en wat nu?
Nee, een behandeling is er niet, maar op zijn minst kan men hem helpen te gaan begrijpen waarom hij is zoals hij is en hoe dat zich verhoudt tot Asperger…
In mijn gesprekken helpt het wel nu ik dit weet, en eigenlijk was het niet echt een verassing!
Zijn leven is in vaste patronen ingedeeld. Elke dag 5 boterhammen met pindakaas, elke dag een taartje (jaha), elke dag een kant-en-klaar maaltijd van Appie. En nadenken…..uuuuuren! alles uitkauwen en herkauwen.
Pas op de plaats. Eerst maar eens zorgen dat er een juiste diagnose komt, waarin wellicht meer nuances worden gelegd. Dan kunnen we zien waar en door wie hij het best begeleid zou kunnen worden. Iemand goed op weg helpen is maatwerk, en daar moet je zorgvuldig mee omgaan. Dat vind ik tenminste!
Inburgeringsplicht
Het traject met mijn hieronder genoemde cliënt loopt in heel kleine stapjes.
Wat ook al een tijdje speelt is dat hij moet inburgeren. Hij is ongeveer 11 jaar in Nederland, heeft hier twee kinderen en spreekt redelijk goed nederlands.
Helaas heeft hij niet voor 2007 zijn inburgering gedaan, en nu is hij verplicht. En het zou een intensief traject moeten zijn..
Je raadt het al: dat wordt niks met hem.
De klantmanager van de sociale dienst heeft hem bijna een jaar geleden opgegeven voor het inburgeringsexamen. En hoewel Bob (zo noem ik hem maar even) zijn best heeft gedaan om überhaupt bij die school terecht te komen, is het hem niet gelukt. Alternatief was een andere manier waarop hij individueel les kon krijgen en getoetst kon worden. Maar alle opties die voorbij komen leveren veel stress en irritatie bij hem op.
Uiteindelijk heeft de klantmanager bedacht dat hij dan langs een arts van de GGD moet, zodat deze kan bepalen of hij op aangepaste wijze kan inburgeren, of dat hij ontheffing kan krijgen.
Vandaag was deze afspraak en ik ging met Bob mee.
Toen ik hem thuis ophaalde liep hij op zijn sloffen naar buiten. Ik vroeg hem of hij zijn schoenen niet aan wilde doen, maar zijn antwoord was: nee, want ik ben toch gek?! Zijn medicijnen had hij sinds gister ook maar niet meer genomen.
Prima, dus samen op gesprek bij de arts. En daar zag ik een Bob die ik niet eerder zag. Geheel afwezig, ingedoken, warrig en niet goed uit zijn woorden komend. Na een goed gesprek, waarin ik af en toe wat vertelde, de arts wat vroeg en Bob op zijn eigenwijze, wollige manier antwoord gaf, besloot de arts dat haar advies “ontheffing van de inburgeringsplicht” werd…..
Wij slaakten gezamenlijk en zucht van verlichting.
De volgende stap wordt naturalisatie, want dat wil Bob graag ivm zijn kinderen.
Wordt dus vervolgd!
Wat ook al een tijdje speelt is dat hij moet inburgeren. Hij is ongeveer 11 jaar in Nederland, heeft hier twee kinderen en spreekt redelijk goed nederlands.
Helaas heeft hij niet voor 2007 zijn inburgering gedaan, en nu is hij verplicht. En het zou een intensief traject moeten zijn..
Je raadt het al: dat wordt niks met hem.
De klantmanager van de sociale dienst heeft hem bijna een jaar geleden opgegeven voor het inburgeringsexamen. En hoewel Bob (zo noem ik hem maar even) zijn best heeft gedaan om überhaupt bij die school terecht te komen, is het hem niet gelukt. Alternatief was een andere manier waarop hij individueel les kon krijgen en getoetst kon worden. Maar alle opties die voorbij komen leveren veel stress en irritatie bij hem op.
Uiteindelijk heeft de klantmanager bedacht dat hij dan langs een arts van de GGD moet, zodat deze kan bepalen of hij op aangepaste wijze kan inburgeren, of dat hij ontheffing kan krijgen.
Vandaag was deze afspraak en ik ging met Bob mee.
Toen ik hem thuis ophaalde liep hij op zijn sloffen naar buiten. Ik vroeg hem of hij zijn schoenen niet aan wilde doen, maar zijn antwoord was: nee, want ik ben toch gek?! Zijn medicijnen had hij sinds gister ook maar niet meer genomen.
Prima, dus samen op gesprek bij de arts. En daar zag ik een Bob die ik niet eerder zag. Geheel afwezig, ingedoken, warrig en niet goed uit zijn woorden komend. Na een goed gesprek, waarin ik af en toe wat vertelde, de arts wat vroeg en Bob op zijn eigenwijze, wollige manier antwoord gaf, besloot de arts dat haar advies “ontheffing van de inburgeringsplicht” werd…..
Wij slaakten gezamenlijk en zucht van verlichting.
De volgende stap wordt naturalisatie, want dat wil Bob graag ivm zijn kinderen.
Wordt dus vervolgd!
Veel verwarring...
Een van de clienten die me op het moment erg bezig houden is een man, een veertiger, Engelstalig van oorsprong, en een fikse persoonlijkheidsstoornis. Ik kwam bij hem terecht omdat er sprake was van een administratieve chaos en een paar schulden. Dat laatste zou hij niet mogen hebben, omdat hij een paar jaar geleden de wettelijke schuldsanering al heeft afgerond. Dus redden wat er te redden valt.
Bij mijn eerste bezoek moest ik letterlijk over de post heenlopen. Een gang vol enveloppen, die zo te zien al een poosje lagen. Na een kennismakingsgesprek, waarin hij aangaf mij te vertrouwen, heb ik hem voorgesteld om eerst samen de post maar eens open te gaan maken en uit te sorteren. Deze klus heeft me een paar bezoekjes gekost. Voor een schuld bij het Nuon (hij dacht bij aanvang dat gas licht en water bij de huur inzaten….,tot er een hele hoge rekening binnenkwam) had hij zich tot de Stadsbank gewend om hulp. Dat was al maanden geleden en hij was niet tevreden met de wijze waarop dit was gelopen.
Ik zag hem bijna wekelijks, en vrijwel elke keer ging een groot deel van het gesprek over de bejegening van de Stadsbank, en dat in zijn ogen de situatie niet was opgelost. De Stadsbank had namelijk een regeling getroffen met het Nuon, die inhoudt dat er via de uitkering een vast bedrag (40 euro) wordt afgelost, en dat de maandelijkse termijn wordt betaald. In de tussentijd had mijn cliënt zich aangemeld bij een andere leverancier, en betaalde hij al een tijdje dubbele kosten. Vraag me niet hoe dit technisch allemaal kan, maar het kan.
In samenspraak met de medewerkster van de Stadsbank probeerde ik de overige schulden (Upc, en nog 1) goed in beeld te krijgen en te bedenken wat mogelijk zou kunnen zijn om hem te helpen. Maar van samenwerking wilde mijn cliënt niets weten! Hij is boos! Erg boos. Niet op mij, maar op alles wat een systeem is of vertegenwoordigt.
Na maanden met hem aan de slag te zijn geweest, en een enorme botsing in een van de laatste weken, kwam er een moment van BEGRIP.
Omdat nederlands zijn tweede taal is kent hij niet alle woorden. Na veel gedoe kwam ik er achter dat hij al bij het hulpvragen bij de Stadsbank andere verwachtingen had. De stadsbank staat voor: Bureau schuldhulpverlening. Hij had alle woorden uit elkaar getrokken en begrepen dat het ging om “hulp in de vorm van een lening bij schulden”!…
Pffffft, toen we dat allebei doorhadden viel er een zucht van opluchting. Mijn cliënt schaamde zich enorm en het muntje leek te vallen. Ik kan me zijn verwarring goed voorstellen! Een knap staaltje "taalbeperking"!
Hij was in de veronderstelling dat hij geld had geleend bij de Stadsbank om in 1 keer alles af te betalen, en dat hij aan HUN de laatste maanden teveel had betaald. Helaas heeft hij in dit geval extra veel aan het Nuon betaald (waardoor hij maandelijks bijna niets overhield), waardoor wel zijn schuld een stuk lager is geworden!
Hèhè: ik heb geregeld dat hij niet meer het termijnbedrag via zijn uitkering hoeft te betalen, dus dat geld komt gewoon weer op zijn eigen rekening. Een beetje ruimte is gemaakt en een volgende stap kan gezet worden!
Bij mijn eerste bezoek moest ik letterlijk over de post heenlopen. Een gang vol enveloppen, die zo te zien al een poosje lagen. Na een kennismakingsgesprek, waarin hij aangaf mij te vertrouwen, heb ik hem voorgesteld om eerst samen de post maar eens open te gaan maken en uit te sorteren. Deze klus heeft me een paar bezoekjes gekost. Voor een schuld bij het Nuon (hij dacht bij aanvang dat gas licht en water bij de huur inzaten….,tot er een hele hoge rekening binnenkwam) had hij zich tot de Stadsbank gewend om hulp. Dat was al maanden geleden en hij was niet tevreden met de wijze waarop dit was gelopen.
Ik zag hem bijna wekelijks, en vrijwel elke keer ging een groot deel van het gesprek over de bejegening van de Stadsbank, en dat in zijn ogen de situatie niet was opgelost. De Stadsbank had namelijk een regeling getroffen met het Nuon, die inhoudt dat er via de uitkering een vast bedrag (40 euro) wordt afgelost, en dat de maandelijkse termijn wordt betaald. In de tussentijd had mijn cliënt zich aangemeld bij een andere leverancier, en betaalde hij al een tijdje dubbele kosten. Vraag me niet hoe dit technisch allemaal kan, maar het kan.
In samenspraak met de medewerkster van de Stadsbank probeerde ik de overige schulden (Upc, en nog 1) goed in beeld te krijgen en te bedenken wat mogelijk zou kunnen zijn om hem te helpen. Maar van samenwerking wilde mijn cliënt niets weten! Hij is boos! Erg boos. Niet op mij, maar op alles wat een systeem is of vertegenwoordigt.
Na maanden met hem aan de slag te zijn geweest, en een enorme botsing in een van de laatste weken, kwam er een moment van BEGRIP.
Omdat nederlands zijn tweede taal is kent hij niet alle woorden. Na veel gedoe kwam ik er achter dat hij al bij het hulpvragen bij de Stadsbank andere verwachtingen had. De stadsbank staat voor: Bureau schuldhulpverlening. Hij had alle woorden uit elkaar getrokken en begrepen dat het ging om “hulp in de vorm van een lening bij schulden”!…
Pffffft, toen we dat allebei doorhadden viel er een zucht van opluchting. Mijn cliënt schaamde zich enorm en het muntje leek te vallen. Ik kan me zijn verwarring goed voorstellen! Een knap staaltje "taalbeperking"!
Hij was in de veronderstelling dat hij geld had geleend bij de Stadsbank om in 1 keer alles af te betalen, en dat hij aan HUN de laatste maanden teveel had betaald. Helaas heeft hij in dit geval extra veel aan het Nuon betaald (waardoor hij maandelijks bijna niets overhield), waardoor wel zijn schuld een stuk lager is geworden!
Hèhè: ik heb geregeld dat hij niet meer het termijnbedrag via zijn uitkering hoeft te betalen, dus dat geld komt gewoon weer op zijn eigen rekening. Een beetje ruimte is gemaakt en een volgende stap kan gezet worden!
Bureaucratie?!
Stel je voor: je bent een turkse vrouw van 28. Ruim 10 jaar geleden getrouwd met een in Nederland wonende turkse man, en zo uit een dorp in Turkije geplukt. Met deze man krijg je twee kinderen. De grote pech is dat deze man alcoholist is en een psychiatrische stoornis blijkt te hebben. Er is weinig intimiteit, en iets leuks doen is er nooit bij. Manlief slaapt al jaren op de bank en er is veel ruzie.
Ondanks deze problemen is uit elkaar gaan geen onderwerp van gesprek. Dat doe je niet in de turkse cultuur. De familie veroordeelt het (en dreigt met "straf"), de buitenwereld mag vooral niet weten dat er problemen zijn....de vuile was wordt niet buiten gehangen..
Toch is Emine sterk geweest en heeft ze zich er toe gezet haar man uit huis te krijgen en te willen scheiden. Wat dapper van haar!
Ik kom in beeld op het moment dat de uitkering, die ze noodgedwongen heeft aangevraagd, is afgewezen.
De reden dat de uitkering is afgewezen is omdat ze twee papieren niet heeft ingeleverd: een bewijs van het opheffen van een spaarrekening van haar ene kind (in 2002 opgeheven, ze weet niet hoe ze aan dat bewijs moet komen) en bewijs dat ze met echtscheiding bezig is (wat ze nog niet is).
Ze is ten einde raad. Ze heeft al maanden bijna geen geld, er zijn achterstanden in huur, gwl en ziektekosten. Ze heeft nauwelijks geld om eten voor haar kinderen te kopen. Daarnaast is ze op dat moment niet in staat om te werken: ze is doodop en depressief. Ze kan niets anders dan huilen.
Ze heeft wel inmiddels al contact gelegd met een advocaat die zich hard maakt voor mensen in dit soort situaties. Deze gaat een bezwaarschrift indienen.
Op advies van dezelfde advocaat ga ik met haar mee om wederom een aanvraag bijstand in te dienen.
De inschrijving bij het CWI blijkt verlopen te zijn, deze moet dus eerst verlengd worden. Na een week volgt een eerste gesprek bij de Sociale dienst.
Ik ga met haar mee. Het bewijs dat die ene bankrekening was opgeheven hebben we inmiddels gekregen van de Postbank. Ze wordt het hemd van het lijf gevraagd. Ze schaamt zich enorm voor haar situatie en moet haar best doen vol te houden. Vervolgens wordt er onder andere gevraagd om bewijs te leveren dat er van haar jongste zoon GEEN rekening bestaat.... Pardon???!! Ik vraag of ik het goed begrijp dat ze moet bewijzen dat iets er niet is? Ja is het antwoord! Ik hou me in en registreer alles. Ook wordt haar gevraagd waarom ze in maart (drie maanden voor haar man weg is gegaan) haar werk heeft opgezegd (een 0-uren contract bij een thuiszorginstantie). Ze gaan beoordelen of ze verwijtbaar werkeloos is. Als ik vraag wie dat beoordeeld, zegt de casemanager: ik. Ze geeft me het gevoel dat dit wel eens zo zou kunnen gaan lopen. Het was een naar en zwaar gesprek. Gesloopt staan we na 1,5 uur buiten. Ik licht na afloop de advocaat in. Deze is ook erg verbolgen over de verloop van de gesprek.
Er volgen weken van wachten. Weken waarin Emine soms met veel moeite van onze (advocaat en ik) kant ene voorschot krijgt. Inmiddels zijn we hard bezig te voorkomen dat uithuiszetting kan gaan plaatsvinden, omdat ze de huur niet betaald. En om te zorgen dat het Nuon niet gaat afsluiten, ook omdat niet betaald kan worden.
Gelukkig lukt het om beide schuldeisers nog even af te houden.
Na ruim een maand krijgt Emine te horen dat ze eerst maar door een keuringsarts gezien moet worden. Dit om vast te stellen of ze (weer) verwijtbaar werkeloos is.
Gelukkig gaat dit via een spoedaanvraag en kan ze de volgende week terecht. Het gesprek bij alleen een arts blijkt echter niet voldoende. Er moet nog een gesprek met een psychiater komen. Dit duurt weer eens twee weken.
En al die tijd de spanning of het wel gaat lukken, en een casemanager die steeds maar volhoudt te zeggen dat ze nog niet zeker weet of mevrouw recht heeft op een uitkering!
Gelukkig beslist de verzekeringsarts dat mevrouw voorlopig niet kan werken.
Begin oktober (twee maanden na de tweede aanvraag, bijna vijf maanden na de eerste aanvraag)lijkt het dan toch allemaal goed te gaan komen. De casemanager moet nu toch wel een beslissing hebben kunnen nemen..
Het is stil, er komt geen bericht.
Op een vrijdag vraag ik de advocaat eens te bellen naar de sociale dienst om te vragen hoe het er voor staat. Hij doet dat en krijgt als antwoord dat de casemanager nog niet alle papieren heeft doorgenomen. Dezelfde dag wordt Emine gebeld door de casemanager dat ze recht (?!) heeft op de uitkering en dat de aanvraag wordt rond gemaakt. Misschien is ze geschrokken van het telefoontje van de advocaat, wie zal het zeggen?
Nu zijn we alweer twee weken verder. Hoewel is toegezegd dat ze de uitkering krijgt, is er nog steeds geen geld gekomen. Ze moet weer een voorschot halen. De casemanager is nu wel een stuk vriendelijker: Mevrouw heft immers recht op een uitkering en mag nu dus ook voorschotten ontvangen! Het komt goed (dat heb ik Emine al die tijd ook voor gehouden): het is alleen een lange weg, die niet zonder hindernissen blijkt te zijn.
Zou zo'n casemanager, die mensen toch moet helpen, ooit wel eens zonder geld hebben gezeten? Zou ze beseffen wat het inhoudt om als turkse vrouw je man weg te sturen?
Waarschijnlijk heeft ze geen benul....
Hoe graag zou ik haar laten ervaren wat het inhoudt om vijf maanden zonder inkomen te zitten... ben benieuwd of ze zich zou redden!
Ondanks deze problemen is uit elkaar gaan geen onderwerp van gesprek. Dat doe je niet in de turkse cultuur. De familie veroordeelt het (en dreigt met "straf"), de buitenwereld mag vooral niet weten dat er problemen zijn....de vuile was wordt niet buiten gehangen..
Toch is Emine sterk geweest en heeft ze zich er toe gezet haar man uit huis te krijgen en te willen scheiden. Wat dapper van haar!
Ik kom in beeld op het moment dat de uitkering, die ze noodgedwongen heeft aangevraagd, is afgewezen.
De reden dat de uitkering is afgewezen is omdat ze twee papieren niet heeft ingeleverd: een bewijs van het opheffen van een spaarrekening van haar ene kind (in 2002 opgeheven, ze weet niet hoe ze aan dat bewijs moet komen) en bewijs dat ze met echtscheiding bezig is (wat ze nog niet is).
Ze is ten einde raad. Ze heeft al maanden bijna geen geld, er zijn achterstanden in huur, gwl en ziektekosten. Ze heeft nauwelijks geld om eten voor haar kinderen te kopen. Daarnaast is ze op dat moment niet in staat om te werken: ze is doodop en depressief. Ze kan niets anders dan huilen.
Ze heeft wel inmiddels al contact gelegd met een advocaat die zich hard maakt voor mensen in dit soort situaties. Deze gaat een bezwaarschrift indienen.
Op advies van dezelfde advocaat ga ik met haar mee om wederom een aanvraag bijstand in te dienen.
De inschrijving bij het CWI blijkt verlopen te zijn, deze moet dus eerst verlengd worden. Na een week volgt een eerste gesprek bij de Sociale dienst.
Ik ga met haar mee. Het bewijs dat die ene bankrekening was opgeheven hebben we inmiddels gekregen van de Postbank. Ze wordt het hemd van het lijf gevraagd. Ze schaamt zich enorm voor haar situatie en moet haar best doen vol te houden. Vervolgens wordt er onder andere gevraagd om bewijs te leveren dat er van haar jongste zoon GEEN rekening bestaat.... Pardon???!! Ik vraag of ik het goed begrijp dat ze moet bewijzen dat iets er niet is? Ja is het antwoord! Ik hou me in en registreer alles. Ook wordt haar gevraagd waarom ze in maart (drie maanden voor haar man weg is gegaan) haar werk heeft opgezegd (een 0-uren contract bij een thuiszorginstantie). Ze gaan beoordelen of ze verwijtbaar werkeloos is. Als ik vraag wie dat beoordeeld, zegt de casemanager: ik. Ze geeft me het gevoel dat dit wel eens zo zou kunnen gaan lopen. Het was een naar en zwaar gesprek. Gesloopt staan we na 1,5 uur buiten. Ik licht na afloop de advocaat in. Deze is ook erg verbolgen over de verloop van de gesprek.
Er volgen weken van wachten. Weken waarin Emine soms met veel moeite van onze (advocaat en ik) kant ene voorschot krijgt. Inmiddels zijn we hard bezig te voorkomen dat uithuiszetting kan gaan plaatsvinden, omdat ze de huur niet betaald. En om te zorgen dat het Nuon niet gaat afsluiten, ook omdat niet betaald kan worden.
Gelukkig lukt het om beide schuldeisers nog even af te houden.
Na ruim een maand krijgt Emine te horen dat ze eerst maar door een keuringsarts gezien moet worden. Dit om vast te stellen of ze (weer) verwijtbaar werkeloos is.
Gelukkig gaat dit via een spoedaanvraag en kan ze de volgende week terecht. Het gesprek bij alleen een arts blijkt echter niet voldoende. Er moet nog een gesprek met een psychiater komen. Dit duurt weer eens twee weken.
En al die tijd de spanning of het wel gaat lukken, en een casemanager die steeds maar volhoudt te zeggen dat ze nog niet zeker weet of mevrouw recht heeft op een uitkering!
Gelukkig beslist de verzekeringsarts dat mevrouw voorlopig niet kan werken.
Begin oktober (twee maanden na de tweede aanvraag, bijna vijf maanden na de eerste aanvraag)lijkt het dan toch allemaal goed te gaan komen. De casemanager moet nu toch wel een beslissing hebben kunnen nemen..
Het is stil, er komt geen bericht.
Op een vrijdag vraag ik de advocaat eens te bellen naar de sociale dienst om te vragen hoe het er voor staat. Hij doet dat en krijgt als antwoord dat de casemanager nog niet alle papieren heeft doorgenomen. Dezelfde dag wordt Emine gebeld door de casemanager dat ze recht (?!) heeft op de uitkering en dat de aanvraag wordt rond gemaakt. Misschien is ze geschrokken van het telefoontje van de advocaat, wie zal het zeggen?
Nu zijn we alweer twee weken verder. Hoewel is toegezegd dat ze de uitkering krijgt, is er nog steeds geen geld gekomen. Ze moet weer een voorschot halen. De casemanager is nu wel een stuk vriendelijker: Mevrouw heft immers recht op een uitkering en mag nu dus ook voorschotten ontvangen! Het komt goed (dat heb ik Emine al die tijd ook voor gehouden): het is alleen een lange weg, die niet zonder hindernissen blijkt te zijn.
Zou zo'n casemanager, die mensen toch moet helpen, ooit wel eens zonder geld hebben gezeten? Zou ze beseffen wat het inhoudt om als turkse vrouw je man weg te sturen?
Waarschijnlijk heeft ze geen benul....
Hoe graag zou ik haar laten ervaren wat het inhoudt om vijf maanden zonder inkomen te zitten... ben benieuwd of ze zich zou redden!
Wajong voor Barry
Barry ken ik nu ongeveer een half jaar. Hoe ik precies bij hem terechtkwam doet er niet toe. Barry is een jongeman van 26, en woonde op dat moment samen met zijn vriendin in een koopflat, die ze samen hadden gekocht. Toen ik kennis maakte bleek dat Barry al bijna een jaar geen inkomsten meer had. Zijn vriendin werkte zich een slag in de rondte, maar dat was niet voldoende. Er waren schulden/ achterstanden ontstaat.
Tijd voor mij om de situatie te inventariseren.
De reden dat Barry geen werk meer had, bleek te liggen bij een enorme angststoornis. Bij zijn laatste baantje had hij een paniekaanval gekregen die zo enorm was dat hij ontslag had genomen: hij durfde niet meer terug. Gaandeweg in onze gesprekken bleek dat die angsten van hem niet van de laatste jaren waren. Deze waren al begonnen op de lagere school.
Daarnaast heeft Barry moeite zich te concentreren en toch ook behoorlijk last van depressieve periodes. Als het om werken gaat geeft hij aan dat hij duidelijke instructies nodig heeft en iemand die hem goed kan coachen.
Barry lacht altijd, lijkt een jongen die de hele wereld wel aan kan, maar onder dat laagje zit een angstige jongen die niet weet hoe hij verandering kan aanbrengen in zijn situatie.
Zijn buitenkant werkt in dit geval tegen hem, want hij lijkt meer dan hij is!
Op een gegeven moment vroeg ik hem of hij ooit van een Wajong uitkering had gehoord. Dat had hij wel maar nooit bedacht dat dat voor hem een optie kon zijn.
Ik ben hem gaan helpen met de aanvraag en deze werd ingediend. Naar het gesprek met de verzekeringsarts ging ik mee. Helaas wees zij de aanvraag af. Reden: hij had voor zijn 18e gewerkt, en zou daarom niet arbeidsongeschikt zijn.
We waren beide teleurgesteld. Ik ging te rade bij een vriendin die bij het UWV werkt (en dan ook nog eens met deze doelgroep), die raadde aan om een bezwaarschrift in te dienen.
Ik ging nogmaals met Barry in gesprek, dit keer met zijn moeder erbij.
In dit gesprek kwam enorm veel aanvullende informatie naar boven:
Barry had wel gewerkt tot zijn 18e, maar dit was een soort van stage (niet betaald!), en viel onder de hoed van de leerplichtambtenaar omdat hij niet meer naar school ging. In zijn beleving had hij gewoon werk! Daarnaast bleek dat hij al voor zijn 10e remedial teaching kreeg, omdat hij dyslexie heeft. Ook ging hij in die periode al bijna niet naar school, omdat hij zo angstig was. Hij ging naar speciaal onderwijs, maar dat hielp hem niet voldoende.
Al met al kreeg ik in dat gesprek steeds meer informatie, wat een bezwaarschrift voldoende grond gaf.
Er volgde na een aantal maanden een tweede gesprek, met de bezwaararts.
Deze gaf aan voldoende reden te zien om een Wajong toe te kennen.
Wel wilde ze bewijsmateriaal zien. Van het jeugdriagg, van de remedial teaching etc.
Ik weer op jacht. Ik heb de halve stad afgebeld. Heb leerplichtambtenaren gesproken, het riagg, oude leraren, noem maar op. Maar bewijsmateriaal: ho maar!
Dossiers worden slechts vijf jaar bewaard, was overal het antwoord.
Uiteindelijk heb ik Barry naar zijn huisarts gestuurd met de vraag zoveel mogelijk uit zijn patiëntendossier naar boven te halen. Dat is gebeurd, en we geloofden er bijna niet meer in:
Het recht op wajong is toegekend!
Dit houdt niet in dat hij zijn hele leven maar van een uitkering gebruik mag maken! Nee, ook met een Wajong word je geacht te gaan werken. Maar wel zijn er op deze manier meer mogelijkheden op goede ondersteuning en begeleiding. En daarmee hoop ik dat hij een beter perspectief zal krijgen!
Tijd voor mij om de situatie te inventariseren.
De reden dat Barry geen werk meer had, bleek te liggen bij een enorme angststoornis. Bij zijn laatste baantje had hij een paniekaanval gekregen die zo enorm was dat hij ontslag had genomen: hij durfde niet meer terug. Gaandeweg in onze gesprekken bleek dat die angsten van hem niet van de laatste jaren waren. Deze waren al begonnen op de lagere school.
Daarnaast heeft Barry moeite zich te concentreren en toch ook behoorlijk last van depressieve periodes. Als het om werken gaat geeft hij aan dat hij duidelijke instructies nodig heeft en iemand die hem goed kan coachen.
Barry lacht altijd, lijkt een jongen die de hele wereld wel aan kan, maar onder dat laagje zit een angstige jongen die niet weet hoe hij verandering kan aanbrengen in zijn situatie.
Zijn buitenkant werkt in dit geval tegen hem, want hij lijkt meer dan hij is!
Op een gegeven moment vroeg ik hem of hij ooit van een Wajong uitkering had gehoord. Dat had hij wel maar nooit bedacht dat dat voor hem een optie kon zijn.
Ik ben hem gaan helpen met de aanvraag en deze werd ingediend. Naar het gesprek met de verzekeringsarts ging ik mee. Helaas wees zij de aanvraag af. Reden: hij had voor zijn 18e gewerkt, en zou daarom niet arbeidsongeschikt zijn.
We waren beide teleurgesteld. Ik ging te rade bij een vriendin die bij het UWV werkt (en dan ook nog eens met deze doelgroep), die raadde aan om een bezwaarschrift in te dienen.
Ik ging nogmaals met Barry in gesprek, dit keer met zijn moeder erbij.
In dit gesprek kwam enorm veel aanvullende informatie naar boven:
Barry had wel gewerkt tot zijn 18e, maar dit was een soort van stage (niet betaald!), en viel onder de hoed van de leerplichtambtenaar omdat hij niet meer naar school ging. In zijn beleving had hij gewoon werk! Daarnaast bleek dat hij al voor zijn 10e remedial teaching kreeg, omdat hij dyslexie heeft. Ook ging hij in die periode al bijna niet naar school, omdat hij zo angstig was. Hij ging naar speciaal onderwijs, maar dat hielp hem niet voldoende.
Al met al kreeg ik in dat gesprek steeds meer informatie, wat een bezwaarschrift voldoende grond gaf.
Er volgde na een aantal maanden een tweede gesprek, met de bezwaararts.
Deze gaf aan voldoende reden te zien om een Wajong toe te kennen.
Wel wilde ze bewijsmateriaal zien. Van het jeugdriagg, van de remedial teaching etc.
Ik weer op jacht. Ik heb de halve stad afgebeld. Heb leerplichtambtenaren gesproken, het riagg, oude leraren, noem maar op. Maar bewijsmateriaal: ho maar!
Dossiers worden slechts vijf jaar bewaard, was overal het antwoord.
Uiteindelijk heb ik Barry naar zijn huisarts gestuurd met de vraag zoveel mogelijk uit zijn patiëntendossier naar boven te halen. Dat is gebeurd, en we geloofden er bijna niet meer in:
Het recht op wajong is toegekend!
Dit houdt niet in dat hij zijn hele leven maar van een uitkering gebruik mag maken! Nee, ook met een Wajong word je geacht te gaan werken. Maar wel zijn er op deze manier meer mogelijkheden op goede ondersteuning en begeleiding. En daarmee hoop ik dat hij een beter perspectief zal krijgen!
Rechtzaak
De rechtzaak van Jannie en haar ex is achter de rug. Het was een lange dag, het duurde van 11 tot 16.00. Het goede nieuws is dat Jannie er goed van af komt. Tijdens de zaak kwam haar advocate er achter dat haar ex erg met cijfers had geknoeid, in zijn voordeel natuurlijk! Dit bleek niet zo best voor hem. De rechter heeft een definitieve uitspraak gedaan, waardoor Jannie voor half september een klein vermogen op haar rekening zou moeten hebben.
Jannie is opgelucht. Eindelijk kan ze dit hoofdstuk afsluiten.
De volgende stap is over enkele weken: ze gaat zich op laten nemen voor een detox behandeling en wil nu definitief van de drank af.
Ik hoop dat ze nu eindelijk aan haar toekomst kan gaan bouwen!
Jannie is opgelucht. Eindelijk kan ze dit hoofdstuk afsluiten.
De volgende stap is over enkele weken: ze gaat zich op laten nemen voor een detox behandeling en wil nu definitief van de drank af.
Ik hoop dat ze nu eindelijk aan haar toekomst kan gaan bouwen!
De moeizame tocht van Jannie
Sinds haar opname in de PAAZ, is er alweer een hoop gebeurd in het leven van Jannie.
Na twee weken werd ze ontslagen omdat ze toch weer had gedronken.
De periode daarna ging het op en neer met haar, maar is ze wel naar de verslavingszorg gegaan voor begeleiding en voorbereiding op zorgvuldig stoppen met drinken.
Ik blijf haar met regelmaat zien. Soms ga ik mee als ze een afspraak heeft, om haar te ondersteunen.
Haar moeizame tocht gaat werkelijk met vallen en opstaan. Onlangs is ze aangehouden in haar auto, terwijl ze stomdronken was. Haar rijbewijs is haar ontzegd voor 18 maanden!
Ze is zich bewust van haar alcoholisme, en wil er graag van af. Maar ze is ook bang om weer in een psychose te geraken als ze stopt. Ze schaamt zich enorm.
Voor de deur staat nog de rechtzaak omtrent haar scheiding. Dit is een langdurige bedoening, omdat haar ex man er zoveel mogelijk uit wil halen. Ondertussen moet Jannie leven van 780 euro alimentatie per maand, en woont ze in een flat die eigenlijk te duur is.
Ze is eenzaam, heeft behalve Peter geen echt andere contacten, en de relatie met Peter is een soort haat-liefde verhouding. Eigenlijk is dat niet goed voor haar, omdat hij wederom een dominante man is naar haar toe, en ze zo weer het slachtoffer wordt (en blijft).
Heel veel kan ik niet voor haar doen, behalve er zijn, naar haar luisteren en met haar praten. Soms weet ik iets betrekkelijk kleins voor haar te regelen, zoals een wekelijks voedselpakket.
Er is nog een lange weg te gaan en een hoop werk te verzetten wil er verandering in haar situatie komen!
Na twee weken werd ze ontslagen omdat ze toch weer had gedronken.
De periode daarna ging het op en neer met haar, maar is ze wel naar de verslavingszorg gegaan voor begeleiding en voorbereiding op zorgvuldig stoppen met drinken.
Ik blijf haar met regelmaat zien. Soms ga ik mee als ze een afspraak heeft, om haar te ondersteunen.
Haar moeizame tocht gaat werkelijk met vallen en opstaan. Onlangs is ze aangehouden in haar auto, terwijl ze stomdronken was. Haar rijbewijs is haar ontzegd voor 18 maanden!
Ze is zich bewust van haar alcoholisme, en wil er graag van af. Maar ze is ook bang om weer in een psychose te geraken als ze stopt. Ze schaamt zich enorm.
Voor de deur staat nog de rechtzaak omtrent haar scheiding. Dit is een langdurige bedoening, omdat haar ex man er zoveel mogelijk uit wil halen. Ondertussen moet Jannie leven van 780 euro alimentatie per maand, en woont ze in een flat die eigenlijk te duur is.
Ze is eenzaam, heeft behalve Peter geen echt andere contacten, en de relatie met Peter is een soort haat-liefde verhouding. Eigenlijk is dat niet goed voor haar, omdat hij wederom een dominante man is naar haar toe, en ze zo weer het slachtoffer wordt (en blijft).
Heel veel kan ik niet voor haar doen, behalve er zijn, naar haar luisteren en met haar praten. Soms weet ik iets betrekkelijk kleins voor haar te regelen, zoals een wekelijks voedselpakket.
Er is nog een lange weg te gaan en een hoop werk te verzetten wil er verandering in haar situatie komen!
Peter heeft een flat!
Na een paar jaar bij zijn moeder te hebben verbleven, heeft Peter een flat toegewezen gekregen. In dezelfde buurt, iets verderop.
Hij was redelijk snel aan de buurt, omdat hij meewerkte toen hij zijn huis uit moest wegens fraude (illegale verhuur van zijn flat). Dit heet een tweedekans beleid..
Maar goed, Peter heeft schulden, zo'n 90.000 euro, geen spullen en ook geen middelen.
De flat is geheel uitgewoond en er moet veel aan gebeuren.
Via een noodfonds weet ik 2000 euro te regelen. het wordt op de rekening van mijn werk gestort, omdat het niet veilig zou zijn in de handen van Peter zelf (gokken, etc).
Dat houdt ook in dat ik het moet beheren en samen met hem moet uitgeven.
We maken een lijst van de eerst noodzakelijke spullen en gaan op pad.
Van tapijtenhal tot bouwmarkt..
We kopen verf, vloerbedekking, gordijnen, servies, pannen etc. Via Marktplaats weet ik goedkoop een gasstel te regelen, een bank en een koelkast. Via een andere organisatie krijgt hij gratis wat meubeltjes. We zijn zo'n 3 keer op pad geweest om van alles aan te schaffen. Ik denk dat er wel een complete werkdag voor mij in zit.
Een paar weken later is de flat klaar.
Het ziet er werkelijk prachtig uit!
Voor de 2000 euro hebben we alles kunnen doen.
Peter is zo blij als een kind, en vertelt me dat hij uren gewoon in een stoel kan zitten genieten!
Een eerste stap in de goede richting is gezet.
Hij was redelijk snel aan de buurt, omdat hij meewerkte toen hij zijn huis uit moest wegens fraude (illegale verhuur van zijn flat). Dit heet een tweedekans beleid..
Maar goed, Peter heeft schulden, zo'n 90.000 euro, geen spullen en ook geen middelen.
De flat is geheel uitgewoond en er moet veel aan gebeuren.
Via een noodfonds weet ik 2000 euro te regelen. het wordt op de rekening van mijn werk gestort, omdat het niet veilig zou zijn in de handen van Peter zelf (gokken, etc).
Dat houdt ook in dat ik het moet beheren en samen met hem moet uitgeven.
We maken een lijst van de eerst noodzakelijke spullen en gaan op pad.
Van tapijtenhal tot bouwmarkt..
We kopen verf, vloerbedekking, gordijnen, servies, pannen etc. Via Marktplaats weet ik goedkoop een gasstel te regelen, een bank en een koelkast. Via een andere organisatie krijgt hij gratis wat meubeltjes. We zijn zo'n 3 keer op pad geweest om van alles aan te schaffen. Ik denk dat er wel een complete werkdag voor mij in zit.
Een paar weken later is de flat klaar.
Het ziet er werkelijk prachtig uit!
Voor de 2000 euro hebben we alles kunnen doen.
Peter is zo blij als een kind, en vertelt me dat hij uren gewoon in een stoel kan zitten genieten!
Een eerste stap in de goede richting is gezet.
Delerium
Ik sta voor de brievenbus van Jannie om er een briefje in te doen als Peter aan komt lopen. Ik heb hem lang niet gezien. Ik begroet hem enthousiast. Maar hij is niet zo blij. hij verteld zich ernstig zorgen om Jannie te maken. Ze vertelt allemaal rare dingen, ziet dingen die er niet zijn en is boos op hem. Hoewel hij de sleutel heeft durft hij niet naar binnen te gaan. Hij heeft al een paar keer opgebeld, aangebeld, maar geen respons. Hij was al naar de huisarts op de hoek gelopen om zijn bezorgdheid te bespreken..
We lopen samen naar de voorkant van de flat en zien Jannie voor het raam zitten. De balkondeur staat open. Ik roep, maar er volgt totaal geen reaktie. Ze kijtk wat wezenloos voor zich uit. Met Peter samen loop ik mee naar de huisarts. Die heeft net even tijd, tussen een paar patienten door.
We bespreken de situatie en de zorg. Ze zegt toe zo even mee te komen, als ze de volgende afspraak gehad heeft. We lopen terug en bellen nog wat aan. Gelukkig verschijnt de huisarts al snel om het hoekje en met de sleutel van Peter gaan we naar boven. Peter gaat niet mee.
Als we voor de voordeur staan zien we door het raam Jannie in de kamer zitten. Op ons geklop en aanbellen wordt eindelijk gereageerd. Ze komt naar de voordeur en probeert deze open te maken, maar ze blijft krachteloos tegen de deurpost aanhangen. De huisarts doet de deur open, met de sleutel die we hebben. Jannie laat ons binnen, is helemaal niet verrast... Ze wenkt mij meteen mee in de keuken en fluistert dat ze haar huis leeghalen. Dat ze gevaarlijk zijn..
Ik krijg haar mee de kamer in en leg uit dat we ons zorgen om haar maken en ik daarom de dokter mee heb genomen. Het gesprek is nogal onsamenhangend. het is moeilijk haar te focussen en antwoorden te krijgen.
Ze ziet er slecht uit: mager, beverig en ze heeft een flinke wond op haar hoofd, die een dag eerder is gehecht bij de eerste hulp. Haar gezicht is bont en blauw en haar ogen staan verschrikt. De huisarts gaat weg met de belofte te gaan bellen met de crisisdienst om te kijken of een opname mogelijk is.
Hoewel ik andere afspraken heb blijf ik bij Jannie. ik kan haar in deze situatie niet alleen laten, en wil in ieder geval blijven tot er een oplossing is.
Ik probeer wat met haar te praten maar het gesprek gaat steeds weer over die mannen
(5) die haar huis leeghalen. Ook verhalen over het lopen van een modeshow en nog meer vreemde gebeurtenissen. Ontertussen pakt Jannie af en toe een doos in: alle spullen uit een kast worden er in gestopt.
Ik zoek wat te eten en drinken en geef de kat wat die uitgehongerd aanvalt.
Jannie probeer ik wat druiven te laten eten. Lukt aardig.
Vooral probeer ik haar een beetje af te leiden van haar wanen. Af en toe zegt ze wat tegen een denkbeeldig persoon.
Na ongeveer 1 1/2 uur belt de dokter dat we nu terecht kunnen op de PAAZ van het ziekenhuis (de psychiatrische afdeling). Ik krijg Jannie zowaar mee. We pakken wat spullen en ik leg uit dat ze even een time-out nodig heeft en bij moet komen. Dat ze moe en op is...
Bepakt met van alles en nog wat (ik heb maar het een en ander in een koffer gestopt) rij ik haar naar de PAAZ, die vlakbij is.
Er volgt ene intake-gesprek, waarin Jannie erg uitwijdt over van alles en nog wat. vervolgens gaat ze een hapje eten en laat ik haar achter in een veilige omgeving, bij professionals die op haar letten en voor haar zorgen.
Na 3 1/2 uur Jannie ben ik eindelijk thuis, moe en met een vol hoofd.
Ik ben blij met de adequate hulp van de huisarts, ik ben blij dat ze opgenomen kon worden, ik ben blij dat er nu eindelijk wat kan veranderen in haar situatie!
De reden van dit delerium is het plotselinge stoppen met drinken. Dat in combinatie met slecht eten en veel stress heeft dit veroorzaakt.
Een dag later bel ik haar op. Ze is al veel helderder en vraagt of ze hallicuneerde, hetgeen ik bevestig. Ze snapt dat ze hulp nodig heeft.
Zonder dat zij er erg in had ben ik naderhand nog druk geweest opvang/verzorging voor de poes te regelen.
Maar ik doe het met liefde. Ik ben blij dat ze hulp aanvaard en ik hoop dat ze deze kans grijpt en vol gaat houden!
We lopen samen naar de voorkant van de flat en zien Jannie voor het raam zitten. De balkondeur staat open. Ik roep, maar er volgt totaal geen reaktie. Ze kijtk wat wezenloos voor zich uit. Met Peter samen loop ik mee naar de huisarts. Die heeft net even tijd, tussen een paar patienten door.
We bespreken de situatie en de zorg. Ze zegt toe zo even mee te komen, als ze de volgende afspraak gehad heeft. We lopen terug en bellen nog wat aan. Gelukkig verschijnt de huisarts al snel om het hoekje en met de sleutel van Peter gaan we naar boven. Peter gaat niet mee.
Als we voor de voordeur staan zien we door het raam Jannie in de kamer zitten. Op ons geklop en aanbellen wordt eindelijk gereageerd. Ze komt naar de voordeur en probeert deze open te maken, maar ze blijft krachteloos tegen de deurpost aanhangen. De huisarts doet de deur open, met de sleutel die we hebben. Jannie laat ons binnen, is helemaal niet verrast... Ze wenkt mij meteen mee in de keuken en fluistert dat ze haar huis leeghalen. Dat ze gevaarlijk zijn..
Ik krijg haar mee de kamer in en leg uit dat we ons zorgen om haar maken en ik daarom de dokter mee heb genomen. Het gesprek is nogal onsamenhangend. het is moeilijk haar te focussen en antwoorden te krijgen.
Ze ziet er slecht uit: mager, beverig en ze heeft een flinke wond op haar hoofd, die een dag eerder is gehecht bij de eerste hulp. Haar gezicht is bont en blauw en haar ogen staan verschrikt. De huisarts gaat weg met de belofte te gaan bellen met de crisisdienst om te kijken of een opname mogelijk is.
Hoewel ik andere afspraken heb blijf ik bij Jannie. ik kan haar in deze situatie niet alleen laten, en wil in ieder geval blijven tot er een oplossing is.
Ik probeer wat met haar te praten maar het gesprek gaat steeds weer over die mannen
(5) die haar huis leeghalen. Ook verhalen over het lopen van een modeshow en nog meer vreemde gebeurtenissen. Ontertussen pakt Jannie af en toe een doos in: alle spullen uit een kast worden er in gestopt.
Ik zoek wat te eten en drinken en geef de kat wat die uitgehongerd aanvalt.
Jannie probeer ik wat druiven te laten eten. Lukt aardig.
Vooral probeer ik haar een beetje af te leiden van haar wanen. Af en toe zegt ze wat tegen een denkbeeldig persoon.
Na ongeveer 1 1/2 uur belt de dokter dat we nu terecht kunnen op de PAAZ van het ziekenhuis (de psychiatrische afdeling). Ik krijg Jannie zowaar mee. We pakken wat spullen en ik leg uit dat ze even een time-out nodig heeft en bij moet komen. Dat ze moe en op is...
Bepakt met van alles en nog wat (ik heb maar het een en ander in een koffer gestopt) rij ik haar naar de PAAZ, die vlakbij is.
Er volgt ene intake-gesprek, waarin Jannie erg uitwijdt over van alles en nog wat. vervolgens gaat ze een hapje eten en laat ik haar achter in een veilige omgeving, bij professionals die op haar letten en voor haar zorgen.
Na 3 1/2 uur Jannie ben ik eindelijk thuis, moe en met een vol hoofd.
Ik ben blij met de adequate hulp van de huisarts, ik ben blij dat ze opgenomen kon worden, ik ben blij dat er nu eindelijk wat kan veranderen in haar situatie!
De reden van dit delerium is het plotselinge stoppen met drinken. Dat in combinatie met slecht eten en veel stress heeft dit veroorzaakt.
Een dag later bel ik haar op. Ze is al veel helderder en vraagt of ze hallicuneerde, hetgeen ik bevestig. Ze snapt dat ze hulp nodig heeft.
Zonder dat zij er erg in had ben ik naderhand nog druk geweest opvang/verzorging voor de poes te regelen.
Maar ik doe het met liefde. Ik ben blij dat ze hulp aanvaard en ik hoop dat ze deze kans grijpt en vol gaat houden!
Bijna daklozen....
Op het moment heb ik te maken met vier (waarschijnlijk..) aankomend daklozen.
Jannie is een van hen. Ik schreef eerder over haar. Eind maart moet ze de woning van haar vader uit. Die is verkocht.
Ze leeft nu van 750 euro alimentatie per maand. Een schijntje dus.
Ze is druk zoekende naar andere woonruimte, maar dat wil niet vlotten. Ze loopt tegen het systeem van particulier verhuurders aan.
Half maart komt geld uit de erfenis van haar vader vrij, en later komt nog geld uit haar scheiding vrij. Er komt dus geld aan, waar ze waarschijnlijk ene paar jaar mee kan doen.
Maar geen enkele verhuurder wil aan haar verhuren, omdat ze geen inkomen heeft wat boven de 1000 euro per maand ligt.
Haar zuster wil garant voor haar staan en helpen deze periode te overbruggen.
Maar nee, dat wordt niet geaccepteerd.
Dat wordt dan toch waarschijnlijk een andere tijdelijke opvang. Een huis waar ze tijdelijk een kamertje kan bewonen. Een kamer, voor iemand die jaren lang in een villa heeft gewoond!
Het is triest.
Dan zijn er nog twee mannen die (apart van elkaar) in een tijdelijke woning zitten. Deze gaat gesloopt worden, en ze hebben op die condities de woning aanvaard. Er is dus geen recht ergens anders iets te krijgen.
En dan is er nog een jongen die uit zijn flat gezet dreigt te worden ivm huurachterstand. Een patstelling, want hij is bezig met schuldhulpverlening en de boel komt maar matig op gang.
Vier bijna daklozen. En ik kan bijna niets voor ze doen behalve meedenken en zoeken.
Daarnaast zou het mijn werk niet moeten zijn, maar ik kan het nou ook weer niet over mijn hart verkrijgen deze mensen te laten gaan…..
Maar ik krijg het er net zo benauwd van als zijzelf!
Jannie is een van hen. Ik schreef eerder over haar. Eind maart moet ze de woning van haar vader uit. Die is verkocht.
Ze leeft nu van 750 euro alimentatie per maand. Een schijntje dus.
Ze is druk zoekende naar andere woonruimte, maar dat wil niet vlotten. Ze loopt tegen het systeem van particulier verhuurders aan.
Half maart komt geld uit de erfenis van haar vader vrij, en later komt nog geld uit haar scheiding vrij. Er komt dus geld aan, waar ze waarschijnlijk ene paar jaar mee kan doen.
Maar geen enkele verhuurder wil aan haar verhuren, omdat ze geen inkomen heeft wat boven de 1000 euro per maand ligt.
Haar zuster wil garant voor haar staan en helpen deze periode te overbruggen.
Maar nee, dat wordt niet geaccepteerd.
Dat wordt dan toch waarschijnlijk een andere tijdelijke opvang. Een huis waar ze tijdelijk een kamertje kan bewonen. Een kamer, voor iemand die jaren lang in een villa heeft gewoond!
Het is triest.
Dan zijn er nog twee mannen die (apart van elkaar) in een tijdelijke woning zitten. Deze gaat gesloopt worden, en ze hebben op die condities de woning aanvaard. Er is dus geen recht ergens anders iets te krijgen.
En dan is er nog een jongen die uit zijn flat gezet dreigt te worden ivm huurachterstand. Een patstelling, want hij is bezig met schuldhulpverlening en de boel komt maar matig op gang.
Vier bijna daklozen. En ik kan bijna niets voor ze doen behalve meedenken en zoeken.
Daarnaast zou het mijn werk niet moeten zijn, maar ik kan het nou ook weer niet over mijn hart verkrijgen deze mensen te laten gaan…..
Maar ik krijg het er net zo benauwd van als zijzelf!
Abonneren op:
Berichten (Atom)
